Reserva Nacional Altos de Lircay

Bericht 4

Van het Parque Nacional Siete Tazas reed ik naar Talca, een vrij grote stad aan de Carretera Panamericana. Echt veel te zien was er niet, maar een paar gebouwen in het centrum trokken mijn aandacht. Het leken wel communistische betonblokken zoals ik er veel heb gezien in de voormalige Sovjet Republieken, zó lelijk dat ze bijna een lust voor het oog vormden. Beslist on- Zuid Amerikaans.

IMG-20181209-WA0004
Een merkwaardig gebouw in het centrum van Talca

Wat ik frappant vond, was dat de meeste van de ruiten waren ingegooid. Het leek wel alsof dat met zorg en toewijding was gedaan om zo een kunstwerk met grote K te creëren.

IMG-20181209-WA0005
Detail van het kunstwerk. Er zijn twee ruitjes heel gelaten om een accent te plaatsen. Kunt u ze vinden?

Van Talca fietste ik naar het Reserva Nacional Altos de Lircay. Op het laatst kreeg ik een steile gravelweg van ruim 15 km lengte waaraan gewerkt werd om er een mooi effen asfaltweg van te maken. Dat betekende 15 km zwaar zwoegwerk tussen graafmachines, bulldozers en  schraapmachines, waarbij er 325.682 vrachtwagens langs me heen denderden. Het kan zijn dat ik er 2 of 3 naast zit want het was met al het stof dat opgeworpen werd en de herrie die alle machines maakten moeilijk de tel vast te houden. Uiteindelijk, 3,5 km voor de parkingang had ik er genoeg van. Daar vond ik een cabaña (bungalow) waar ik de nacht kon doorbrengen.

De volgende ochtend reed ik de laatste 3 km naar de toegangspoort van de Reserva over nog steeds een erg steile gravelweg, maar die poort was stijf gesloten met een zwaar hangslot.

“Vraag de sleutel bij de parkwachter” stond er op een bordje naast, maar waar de parkwachter zich bevond, stond er niet bij. Ik wrong me langs een soort personen-molentje, zoiets als in een supermarkt, met fiets en al naar binnen en kreeg een nog steiler pad te fietsen of eigenlijk te lopen met grote ronde keien, zoals in een woeste bergbeek, maar dan zonder water. Zo duwde ik mijn fiets 2 km verder, waarna ik bij het administratie_gebouwtje kwam. Daar gaf een vriendelijke parkwachter mij goede informatie over de wandeling naar El Enladrillado, een plateau van veelhoekige stenen, alsof het met bakstenen of reuze plavuizen was geplaveid. Ik kreeg er zelfs een kaartje bij. 8 uur heen en terug, stond er voor deze uitstap.

Ik reed/duwde mijn fiets nog 800 meter verder naar de camping waar niet één tent stond, parkeerde hem daar en begon aan de wandeling . Eerst ging het 7 km flink op en neer door een bos waarna de echte klim begon, nog steeds door een bos. Hogerop kwam ik het bos uit en daar kreeg ik prachtige uitzichten op de bergen in het rond.

IMG-20181209-WA0006
Weggetje in het park naar de camping
IMG-20181209-WA0007
Uitzicht voorbij het bos.

Nog hoger werd het terrein spectaculair met grote rotspartijen van vulcanische oorsprong.

IMG-20181209-WA0008
Vulcanisch gebied met flinke rotspartijen.

Het was mooi zonnig weer, maar het dal waar ik uit kwam vulde zich plotseling met een dikke wolkenmassa. Ik liep maar verder want daar was het (nog) onbewolkt en misschien loste die mist later wel op, een echte struisvogelpolitiek.

 

IMG-20181211-WA0001
In het dal achter me kwam een angstaanjagende mist opzetten.

Na een laatste klimpartij kwam ik op het 2200 meter hoog gelegen plateau met de naam Enladrillado dat zijn naam (zoiets als ‘met bakstenen belegd’) dankt aan feit dat het met grote plavuizen lijkt te zijn geplaveid.

IMG-20181211-WA0000
Het plateau Enladrillado.

Naar het oosten verhief zich de enorme vulkaan Descabezado wat ‘onthoofd’ betekent, omdat de top er in een duister verleden volgens geologen vanaf geknald is. Het was dezelfde berg die ik een paar dagen eerder tijdens mijn wandeling door het nationale park van Siete Tazas had gezien, maar toen van een iets andere kant.

IMG-20181211-WA0002
De vulkaan Descabezado van bijna 4000 meter hoogte

Toevallig liepen er een paar Belgen op het plateau rond die bereid waren een foto van mij te maken terwijl ik mij op een rots waagde met pal achter me een gapende afgrond.

IMG-20181211-WA0003
Schrijver dezes, die zijn leven waagt om de lezers te vermaken.

Op de terugweg naar waar ik mijn fiets had achtergelaten kwam ik steeds dichter bij de mist die ondertussen druk bezig was het gehele gebergte in zijn greep te krijgen, maar juist toen ik dacht dat ik er kopje in onder zou gaan loste hij in een paar minuten op zodat ik bijna de hele afdaling nog van de zon genoot. Mijn struisvogelpolitiek had weer eens gezegevierd! Helaas trok het tegen 6 uur in de middag toch nog dicht maar toen was ik al heel dicht bij mijn fiets die mij even later in sneltreinvaart (helling af) terugbracht bij mijn cabaña.

Tot zo ver deze aflevering van mijn (bijna) eeuwig durende feuilleton.

Siete Tazas oftewel de Zeven koppen.

Bericht 3

Om bij het nationale park Siete Tazas, een kilometer of 70 ten zuidoosten van Curicó, te komen moest ik 20 km over een nogal gruizige gravelweg rijden tot Radal, een dorp met een paar campings en bungalows. Ik ging mij te buiten aan de luxe van een bungalow en fietste de volgende dag zonder bagage over een nog wat ruigere weg met steile stukken er in naar het nationale park Siete Tazas.

IMG-20181205-WA0000
: De nogal stenige en op veel plekken steile weg naar Parque Nacional Siete Tazas.

Onderweg kwam ik langs een waterval met de naam Velo de Novia, wat niet Fiets van de Bruid betekent maar Bruidsluier, omdat sommigen met een flinke dosis fantasie er een bruidsluier in zien.

IMG-20181205-WA0001
Velo de Novia.
IMG-20181205-WA0002
Kijk! Zo zie ik het ook.

Verderop bereikte ik de plek waar het park zijn naam aan dankt: Siete Tazas oftewel de Zeven koppen. Hier bevonden zich zeven ‘in serie geschakelde’ watervallen die elk uitmondden in een door het water uitgesleten kom. Helaas waren niet al die zeven watervallen van één punt te zien.Vanwaar ik stond waren er juist tweeënhalf te zien, dus de Dos y media Tazas.

IMG-20181205-WA0003
Tweeënhalve kop van de zeven.

Een tekening op een bord verduidelijkte de zaak een beetje.

IMG-20181205-WA0004
Een grote pot die thee schenkt in zeven in elkaar overvloeiende koppen. Als toegift nog een beetje geschiedenis van een dinosaurus tot herbebossing in de twintigste eeuw.

Bij Parque Ingles, nog wat bonkige kilometers verder, maakte ik een aardige wandeling van een uur of vier , waarbij ik vanaf het hoogste punt een mooi uitzicht over de wijde omgeving had, onder andere op een vulkaan van 3800m hoogte waarvan de top in een grijs verleden is afgeknald.

IMG-20181205-WA0005
Een besneeuwde afgeknotte vulkaan van 3800 m hoogte.

Op de terugweg naar mijn fiets kwam ik nog een dikke spin tegen, volgens mij een tarantula. Echt plezierig zag hij er niet uit, maar wie weet hoe gezellig zo’n beestje als huisdier is en bovendien eet hij de muggen op, dus laat er eens een paar als proef door uw huis kuieren.

IMG-20181205-WA0006
Een vette (gezellige?) tarantula.

De ontmoeting op weg naar Molina, waar ik nu verblijf, was toch wat gezelliger dan die met de tarantula: een Amerikaans stel op de fiets, dat op weg was van Arica in het noorden van Chili naar Punta Arenas in het zuiden. Ik vroeg of ze hun regenpak wel bij zich hadden en dat hadden ze inderdaad. Hun banden waren om jaloers op te worden: 7,5 cm breed!! Daarmee fiets je lachend door de Sahara.

IMG-20181205-WA0007
Ian en Lauren uit Californië, op weg naar Punta Arenas.

Morgen ga ik op weg naar Talca om vandaar weer een ander nationaal park te bezoeken: Altosde Lircay.

Ik houd u op de hoogte van mijn vorderingen.

 

 

 

De stuwdam van Rapel.

Bericht 2

‘s Avonds na mijn aankomst in Santiago ging ik nog even op de Plaza de Armas (het centrale plein van de stad) kijken. Ik een hoek van dat plein werd er serieus geschaakt. Ik heb dat vroeger veel en zelfs  fanatiek gedaan (een beetje). Het was bijna een verslaving, maar het reizen op de fiets heeft me ervan af geholpen. Je zou misschien kunnen denken dat dat reizen en fietsen nu een verslaving is, maar zo erg is het hopelijk niet. En als dat wel zo zou zijn moet ik misschien weer competitie gaan schaken om van die reis- en fietsverslaving af te/ komen. Van de regen in de drop of van de drop in de regen?. Beter van de drop in de zon dus blijf ik voorlopig toch nog maar wat reizen in zonnige landen.

Ik kon me bij al dat noeste geschaak dan ook bedwingen en raakte geen schaakstuk aan. Wel maakte ik er een paar fotootjes.

IMG-20181201-WA0004
De spelers laten zich niet afleiden, zelfs niet door een buitenlandse fotograaf die hen op een blog zet zodat ze meteen tot de verste uithoeken van de wereld doordringen.

De volgende ochtend stond de cathedraal, die aan de westzijde van het plein staat, in de zon. Die stond de avond daarvoor natuurlijk in de schaduw, want ook al ligt Chili op het zuidelijk halfrond, de zon komt hier net als bij ons op in het oosten.

IMG-20181202-WA0000
De cathedraal.

Van de Plaza de Armas liep ik naar de Cerro Santa Lucia, een heuvel in het centrum met een kasteel er op.

IMG-20181202-WA0001
Cerro Santa Lucia met kasteel.

Vanaf het kasteel keek ik uit over de stad die er wat  anders uitziet dan in de tijd van de coquistadores.

IMG-20181202-WA0002
Uitzicht over Santiago vanaf het kasteel op de top van Cerro Santa Lucia.

Over een vreselijk drukke weg fietste ik de stad uit in de richting van Melipilla. Aangezien het einddoel van deze reis Buenos Aires is, aan de oostkant van het continent, wilde ik eerst even naar de westkust rijden om geheel van kust tot kust te fietsen. Op weg naar de kust kwam ik over de stuwdam van Rapel, waar een knots van een electrische centrale in zit.

IMG-20181202-WA0003
De stuwdam van Rapel.

Als electrotechnicus gaat je hart natuurlijk sneller kloppen bij de aanblik van zoveel hoogspanningstransformatoren. Om helemaal eerlijk te zijn ging mijn hart nog juist iets sneller kloppen van het uitzicht overal de kloof achter de dam dan van al die transformatoren, hoe geweldig interessant die ook zijn.

IMG-20181202-WA0004
Uitzicht over de kloof juist voorbij de dam.

Mijn hart had nog een stuk sneller kunnen kloppen als de zon had geschenen, want met zonlicht is de natuur altijd duizend maal mooier dan bij bewolking. En die dag was het ‘s morgens helaas bewolkt. Ik kwam blijkbaar al in de invloedssfeer van de kust waar het vochtiger is dan verder landinwaarts.

Bij de kust was het inderdaad vrij somber en veel kouder dan landinwaarts waar het ‘s middags steeds rond de 30 graden was. Hier moest ik 3 jassen over elkaar aan doen.

Op zich was die kust wel mooi. Hier een paar foto’s van die Pacifische kust:

IMG-20181202-WA0005
De kust van Chili bij Pichilemu en Bucalemu.

IMG-20181202-WA0006

IMG-20181202-WA0007

 

Nieuwe reis.. Argentinië en verder.

Bericht 1

Ik zit in een simpel hotelletje in het centrum van Santiago de Chili en het is 22.20. Met 4 uur tijdverschil is het nu dus 26.20 in Nederland oftewel 2.20 in de ochtend van 26 november. Ik ben 24 november om 7 uur opgestaan en heb om 19.55 het vliegtuig van Amsterdam naar Santiago de Chili genomen. Daar ben ik vanochtend rond 11 uur aangekomen na een tussenstop in Buenos Aires. Aangezien ik nooit kan slapen in een vliegtuig heb ik nu dus 17+24+2.30= 43,5 uur niet geslapen.
Een groot plichtsbesef dwingt mij een bericht voor mijn blog te schrijven, nu ik over wifi in mijn hotelletje beschik.
Maar nu slaat de slaap medogenloos toe en daarom wordt dit bericht nummer 1 van mijn nieuwe reis slechts erg kort.
Een volgende keer hoop ik meer stof en minder slaap te hebben.

Het historische nationaal museum op de Plaza de Armas in Santiago de Chili.

Ondertussen is het 10.48 geworden. Zo langzaam typ ik nu op mijn platte Chinees.
En nu stop ik er echt mee, maar mijn reis en mijn blog zijn van start.

Park op de Plaza de Armas in Santiago.

Heel Zuidoostelijk Frankrijk is voor mij Terra Cognita.

Bericht 27

Na mijn bezoek aan de Gorges du Verdon fietste ik via het mooi gelegen Bargemon naar Montauroux.

IMG-20181119-WA0001
Bargemon

Heel Zuidoostelijk Frankrijk is voor mij Terra Cognita, maar Montauroux en omgeving is Terra très très Cognita, want daar ben ik in het verleden vaak met mijn ouders op vakantie geweest en daar heb ik heel wat rond gezworven. De klim over het rustige bochtige weggetje naar Tanneron was altijd een van mijn favoriete uitstapjes en ook deze keer reed ik dat aardige weggetje. Voorbij Tanneron klom het nog een stukje door waarna ik op de afdaling naar Mandelieu voor het eerst sinds ik op 19 juli, toen ik de Straat van Gibraltar overstak, de zee weer zag. Naar het zuidwesten lag het woeste Massif de l’Esterel en in het zuidoosten zag ik de baai van Cannes met zijn stranden. Aangezien het eind september was lagen daar waarschijnlijk niet meer de legioenen bruinbakkers die zich doorgaans in de maanden juli en augustus laten roosteren.

IMG-20181119-WA0002
De uitlopers in zee van het Massif de l’Esterel.
IMG-20181119-WA0003
De baai van Cannes.

Ik daalde af naar La Napoule om even symbolisch mijn vinger in de Middellandse Zee te steken. Voor de aardigheid ging ik een kijkje nemen in de haven van La Rague. Daar lagen honderden plezierjachten voor anker. Door een expert liet ik me vertellen, dat als je zo’n bootje met alle comfort er op laat bouwen, je moet rekenen met een miljoen euro per strekkende meter. Dus voor een 5 meter lang jachtje, een niemendalletje waarmee je je in deze contreien niet zou durven vertonen, moest je al ongeveer vijf miljoen neertellen. Ik denk dat je met een dergelijk plezierjacht wel heel erg veel plezier zou moeten maken om de kosten er ooit uit te krijgen.

IMG-20181119-WA0004
Leuk speelgoed in de haven van La Rague.

Bij mij zou zo’n financiële aderlating, gesteld dat ik zou zwemmen in het geld, het laatste restje plezier in varen om zeep helpen, maar te oordelen naar de overvolle haven waren er heel wat mensen die er toch wel een hoop lol in hadden om met zo’n bootje over de Middellandse Zee te varen. Deze dag echter niet, want het woei hard en als gevolg daarvan beukten de golven op de kust, terwijl het op open zee flink tekeer ging. Wel spannend om met een fris nieuw jacht van een miljoen of wat door de branding te manoeuvreren en te proberen niet op de rotsen te pletter te slaan! Door die woeste zee waagde ik mij natuurlijk niet dicht bij het water, zodat er van die symbolische vinger in de zee niets terecht kwam.

IMG-20181119-WA0005
La Napoule. De zee trekt zich terug om een nieuwe golf op de kust los te laten.
IMG-20181119-WA0006
En daar beukt die nieuwe golf op de golfbrekers van La Napoule.

Mijn einddoel van deze reis was Nice, waar ik mijn vliegtuig terug naar Nederland ging nemen. Natuurlijk had ik even door kunnen rijden naar huis, maar eind september en zeker in oktober is de aardigheid er voor mij in noord Europa af. Ik ben nu eenmaal een mooi weer fietser. Maar zelfs Nice haalde ik niet, althans niet fietsend en dat kwam zo:

Maanden eerder had ik een mail ontvangen van Dick en Marianne, een Nederlands echtpaar dat al mijn boeken in de kast had staan en zelfs had gelezen! Die verhalen waren hen zo goed bevallen, dat ze me uitnodigden in hun prachtige huis in de Esterel voor een maaltijd. Toen ik er, na mijn bezoek aan de jachthaven van La Rague aanging, boden ze me hun comfortabele logeerkamer aan voor mijn laatste nacht van deze reis. We dineerden die avond in een erg luxe restaurant in Les Adrets de l’ Esterel, waar we niet alleen genoten van een geweldige maaltijd, maar ook van een supermooie zonsondergang.

De volgende ochtend brachten Dick en Marianne mij met hun auto naar het vliegveld van Nice, wat mij een hoop ompak-werk op het vliegveld bespaarde.
“Bedankt voor alle gastvrijheid.” zei ik voordat ik het poortje van de security door ging. “Ik kom vast nog wel eens langs op de fiets.
“Je bent altijd welkom,” antwoordden ze, “maar of we hier dan nog wonen, is de vraag. Ons huis staat namelijk te koop.”
“Dan koop ik het,” zei ik. “en dan mogen jullie, als je hier in de buurt rondfietst, bij míj logeren.” Dat was natuurlijk een grapje van mij, want voor zo iets moet ik nog heel wat jaartjes sparen van mijn AOW.

Even later vloog ik over de Alpen huiswaarts om mij voor te bereiden op nieuwe avonturen. Ik speelde, daar hoog boven die bergen, alweer met ideeën over wat ik de komende winter zou gaan doen. Misschien ga ik wel weer eens wat rondrijden in Zuid-Amerika. Een mens moet toch iets hebben om naar uit te kijken.

IMG-20181119-WA0007
Marianne en ik voor de haag in de tuin. Helaas zijn we vergeten een foto van ons drieën te maken, bijvoorbeeld met behulp van mijn machtige selfie-stick. Dat doen we dan bij dat eventuele volgende bezoek.
Let ook even op het mooie nieuwe T-shirt van mij: Vertaald in het Nederlands luidt de tekst die er op staat ongeveer als volgt: ‘Ik zou de indruk kunnen wekken dat ik naar je luister, maar in mijn gedachten zit ik op mijn fiets.’ En dat wordt misschien wel de nieuwe slogan van Santos-bikes.