Olifanten

Verderop liep de weg door een woud waar je volgens een waarschuwingsbord moest oppassen omdat je daar de kans liep een olifant te overrijden. Nu is het niet zo eenvoudig om een olifant te overrijden, zeker niet met een fiets, maar een ontmoeting met zo’n wilde dikhuid kan, hoe interessant ook, tot ongewenste situaties leiden. Het omgekeerde van overrijden kan dan namelijk gebeuren: het dier loopt over je auto of fiets heen en dan is er na afloop van het voertuig weinig meer over dan verwrongen blik of aluminium. De aanwezigheid van deze, op zich goedaardige, beesten op dit ongeveer 50 km lange traject werd bevestigd door uitwerpselen die er uitzagen als paardenkeutels, maar dan ongeveer vijfmaal zo groot.

Mijn schoen er naast om een indruk te geven van de afmetingen.

Bovendien heb ik hier op mijn vorige tocht inderdaad een olifant op de weg gezien. (Zie weer ‘De hanen van de koning‘) Dat was bijna; ‘En toen blies de olifant met zijn grote snuit het hele verhaaltje (boek) uit’, want het beest werd agressief en kwam achter me aan. Gelukkig slechts een klein stukje, want hij zag mij als een verlate Poulidor wegdemarreren, nam met die overhaaste aftocht genoegen en sukkelde verder rustig weer de struiken in. Deze keer beperkte het avontuur zich tot het zien van olifantenkeutels. De olifanten zelf – het moesten er veel zijn, te oordelen naar de keuteldichtheid langs deze weg – lieten het afweten, wat jammer, maar toch ook weer niet zo jammer, was.

Het staat er voor de duidelijkheid in het Thai onder.